Visvakantie Denemarken 2015
(door John Smit)

 

Denemarken; platvis-paradijs. Wij wilden wel eens weten of dat nog steeds zo was.

Wij; de oudgedienden Cees, John, Martin, Martijn, Jan en Gerrie, samen met de nieuwkomers Arjen en Erik. Onder het toeziend oog van de Gea’s.

Nadat er de nodige inkopen waren gedaan (heren Jan en Cees voornamelijk bier en de Gea’s de rest) en alle zeevisspullen waren verzameld, konden wij op 2 mei ’s morgens vroeg vertrekken naar Langeland, het platvis-paradijs. Eerst nog even via Daam en Spiek en toen op naar Denemarken.

Na een zeer voorspoedige reis kwamen wij reeds om 14.20 uur aan in Østerkov.

Na de sleutels te hebben gehaald bij Reiner, eerst het huis (10 personen) maar eens even verkennen; biertje drinken uit- en inpakken, eten koken, jerrycans halen, aftanken boten in ontvangst nemen en inspecteren en Bagenkop bekijken. In de haven probeerden drie bejaarde Duitsers hun zojuist ontvangen boot even uit. Ze maakten er een heel circus van. Achteruitvaren en vooruitkijken, vol gas op de vierkante meter, rakelings langs buitenboordmotoren varen, inparkeren op z’n dwars, steigers testen; nee, het was niet om aan te zien. Morten, de eigenaar, zag het alles met angstige ogen aan. Hij heeft de heren eerst maar een privéles gegeven. Hoe het af is gelopen weten wij niet; wij hebben ze in ieder geval de hele week niet weer gezien. De eerste dag; was snel en intensief verlopen.

Zondag; …… vissen! Mooi weer en een rustig zeetje. Dus op naar de “schollenplaat” recht tegen de vuurtoren. De verwachtingen zijn hoog gespannen. Er wordt redelijk veel platvis gevangen en een beetje kabeljauw. Boot II meldt tegen 11.00 uur motorpech. Na overleg met de eigenaar, Morten, wordt er besloten dat boot I, de boot van Cees cs naar de haven sleept.

Na drie kwartier slepen komen wij dan eindelijk in de havenmonding van Bagenkop.

Cees probeert nog eens voor alles en waarachtig krijgen ze de motor weer aan de praat (waarschijnlijk lucht in de benzineslang).

Op het advies van Morten maar gaan vissen in het verlengde van de havenmonding van Bagenkop. Boot I naar een platvisstek op 16 tot 20 meter diepte en boot II naar een kabeljauwstek op 8 tot 12 meter diepte. En ….. met succes; aan het einde van de eerste dag lag het aanrechtblad van ons huis bomvol met platvis en rondvis.

Erik ving de langste platvis (schol) 45 cm en Martijn de langste kabeljauw 49 cm.

 

’s Avonds na het fileren laat gegeten en dus redelijk vroeg naar bed; “de kop was er af”.

Maandag stonden wij weer vroeg in de haven van Bagenkop; maar er kon niet gevist worden, golfhoogte 150 cm, veel schuim op het water; dus wachten tot de wind zou gaan liggen. Om 12.00 uur konden wij eruit. Ongeveer 20 minuten varen en wij konden vissen. Het weer werd steeds beter, de wind ging er volledig uit en de zee kwam tot bedaren. Boot II (no. 58 met Cees, Jan, Arjan en Erik) ving voornamelijk schol en schar, terwijl boot I (no. 60 met de “Muppets” achterin en de M en M’s voorin) alleen maar platvis ving; heel veel schar, paar mooie schollen en een enkele mooie bot. In totaal zeker meer dan 100 stuks. Gerrie kwam er tijdens de terugvaart achter dat er in z’n overlevingspak een fluitje zat en hij kon het niet laten om stuurman John plotseling te verrassen met dit snerpende geluid. Laatstgenoemde schrok zich een ongeluk en vloog in paniek met z’n kop tegen het dak, denkende dat de motor in brand stond. Gerrie lag blauw van het lachen en had zijn punt gemaakt die dag.

De volgende dag konden wij heerlijk uitslapen en zeer uitgebreid ontbijten. Er stond namelijk een aardig zeetje; windkracht 6. Om 15.00 uur in de middag was de zaak wat geluwd tot kracht 4. Dus vissen maar. Na een half uur vissen wisten wij het wel. Met drie visjes in de bak maar gauw terug naar de haven. Dit was geen doen; de golven waren nog te hoog. Dus naar huis; eten, drinken, bakkie bakkie en/of tjillen.

 

De woensdag werd beter. Geen wind, mooi zonnetje en een prachtige kalme zee.

Wederom veel vis; platvis, kabeljauw en wijting. Op boot I kreeg Gerrie plotseling een felle aanbeet. De top van zijn hengel ging niet alleen op en neer, maar ook fel heen en weer. Hij schrok zich een hoedje. Wat voor een geweldige vis zou dit wel niet zijn? Tot dat hij er na verloop van tijd achter kwam dat er een of andere “Muppet” aan de achterkant van z’n hengel zat te klieren. Ja, Gerrie; en doun ston’n we weer kiet.

Op boot II ving Erik intussen zijn winnende vissen; een kabeljauw van 67 cm en een schol van 45 cm. De masters ver achter zich latend. Arjan ving de “plaatsvervangende” een na grootste schol van precies 41,2 cm. Proficiat heren.

Laat in de middag kwam er plotseling een rare, dreigende lucht opzetten en toen de eerste bliksemschicht verscheen
wisten wij het zeker; veiligheid voor alles; dus als een speer terug naar de haven. En met ons vele andere bootjes.
Wij hadden aangelegd, de bootjes ontruimd, de auto opgehaald en alle spullen ingepakt en toen was het nog
steeds windkracht 0. Maar …… van de ene op de andere seconde trok de wind razendsnel aan en begon het te stormen
en te plenzen en te hagelen. Ja, er ontwikkelde zich zelfs een heuse wervelwind. Dus snel naar Østerkov, naar het huisje.
Na fileren en een biertje kwam er voor Cees, Jan, Gea en Gea een naar bericht uit Nederland. Zij besloten, wegens
omstandigheden, terug te keren en wel reeds donderdagmorgen vroeg.

Na een bedrukt afscheid bleven wij met zijn zessen achter. Na het ontbijt, de afwas en opruimwerkzaamheden zijn wij het
eiland maar gaan verkennen; want vissen kon onmogelijk met windkracht 6 á 7.

’s Middags kwamen wij in Svensborg terecht; in de “Swienekroeg”.

Een volks/schipperskroeg waar de drank de hele dag, van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat rijkelijk vloeit. Een kroeg
waarin je, tussen een verzameling van duizenden varkens (op kopjes, glazen, schilderijen, van porselein, van steen, glas
of hout), mensen van allerlei pluimage ontmoet. Een vriendelijke, maar zakelijke, kroegbazin van middelbare leeftijd;
omringt door, al dan niet aangeschoten, schippers, verlopen studenten, geflipte geleerden, lammen, kreupelen en
blinden. Erik werd zelf verrast met een echte heerlijke negerzoen. Enfin; code “o” zullen wij maar zeggen; hè Erik.
Toen een enkele stamgast de weg kwijt begon te raken vonden wij het tijd om terug naar Østerkov te gaan. ’s Avonds, eitje, broodje, pilsje, bakkie bakkie enz.

Vrijdag, de laatste halve visdag. Prachtig weer, windstil, mooi zeetje, maar ….. helaas; niet veel vis. De bijtlust was gering vandaag. Terug in de haven om ± 14.00 uur begon het onvermijdelijke schoonmaken en inpakken. Laat in de middag kreeg Martijn helaas ook nog een minder prettige boodschap te verwerken uit Nederland. Gelukkig konden wij er met elkaar over praten en meeleven. Dat luchtte op; gedeelde smart is halve smart.

Om 19.00 uur op naar Rüdkøbing, shoarma eten. Daarna redelijk vroeg op bed.

Zaterdag; de terugweg. Op tijd weg en het eerste deel liep perfect. Tot aan Kolding; toen liep het verkeer vast evenals bij Hamburg. Dus wij waren laat thuis deze keer; maar wel veilig aangekomen.

Dames/heren Danske rejserde; bedankt voor de mooie leuke en gedenkwaarde vistrip. Tot volgend jaar maar weer (met dan 16 ??? deelnemers).

 

Met vriendelijke visgroet,

 

John

Designed by Bultstra

Copyright © 2015 ZHV Het Noorden
All Rights Reserved.